Happy Monster: Sailing Around the WorldHappy Monster Logo
Happy Monster: Sailing Around the World
16 december 2006

Van Tobago naar Bonaire

Belgen aan boord op Tobago

Na negen maanden wonen en werken in Suriname genieten we enkele dagen van de rust en de natuur in Charlotteville op Tobago, we snorkelen in Pirate Bay en zien tussen het koraal prachtige vissen. We ontmoeten daar Gerrit en Arne, twee aardige Belgische jongens, ze varen met ons mee naar Castara. Een lokale visser zet ze af op Happy Monster omdat ons minimonster te klein is om met z'n vieren en twee zware rugzakken naar onze boot te roeien. Onderweg stuurt Gerrit de hele rit en ze helpen met alles wat moet gebeuren aan boord.

De Belgen Gerrit en Arne aan boordIn Castara, ongeveer drie uur varen vanuit Charlotteville, zwemmen de twee sportieve Belgen naar de wal terwijl wij in ons bijbootje hun bagage meenemen. Het is de bedoeling dat zij hier een slaapplaats voor de nacht vinden maar helaas, de enige plek die zij vonden is veel te duur. We zetten die avond in onze boot wat spullen opzij en al snel hebben we twee slaapplaatsen in de kajuit gemaakt.

Ze slapen niet veel want er is een behoorlijke deining op de ankerplek maar de flensjes bij het ontbijt die Dory hen voorzet maken veel goed. Hun vakantie van twee weken zit erop, ze zwemmen voor de laatste keer naar de wal, uit hun rugzak komen schone nette kleren en met een taxi vertrekken ze naar het vliegveld. Wij varen terug naar Charlotteville en klaren daar uit.

Aan het werk op Trinidad

Het is vierentwintig uur varen naar Trinidad en na Suriname en Tobago is het hier in Chaquaramas wel een beetje wennen, zoveel zeilboten opeen gepakt in wel vijf havens en tientallen moorings, dat hebben we nog nooit gezien. Het duurt dan ook een paar dagen voordat we bij alle werven en winkels de weg hebben gevonden. We komen in aanraking met een nieuw verschijnsel, het net. Om acht uur in de ochtend horen we via de marifoon wat er allemaal gaande is in Chaquaramas. Het gaat over de veiligheid, het weer, je kan er allerhande vragen stellen over reparaties en iedereen die iets te koop heeft of wil kopen kan het dan aankondigen.

Via dit net vinden we een tweedehands bijboot want een nieuwe, oprolbare bijboot is in al die winkels niet te vinden. Iedereen wil tegenwoordig namelijk een bijboot met een harde bodem, maar die kunnen wij in onze boot niet opbergen. Via de marifoon maken we een afspraak met de huidige eigenaar van de bijboot. Op de steiger pompt hij hem op en hij ziet er goed uit, hij is ook een stuk groter dan onze kleine Mini en we dopen hem dan ook Maxi. We nemen hem mee naar onze eigen jachthaven, pompen hem op en peddelen ermee naar Happy. Dan blijkt dat hij behoorlijk wat water lekt. We kopen een flinke lap vinyl en het kost een hele tube lijm om het ergste lekken te verhelpen.

Onze nieuwe accu-monitorVan een oude Vietnam-veteraan die met zijn schip 'Wounded Spirit' al maanden hier in de baai ligt en probeert om van slechts tien dollar per dag te leven, leren we hoe we Mickey, onze buitenboordmotor, een onderhoudsbeurt moeten geven. Alle onderdelen gaan eruit, we maken alles grondig schoon en nadat elk onderdeel weer op z'n plaats zit, we houden gelukkig geen schroefje of boutje over, loopt Micky weer als een zonnetje. We varen nu dus al hozende met Mickey en Maxi rond en we zijn dolgelukkig.

In de winkel van Budget Marine hangt een prachtig twee-pits gasfornuis van roestvrij staal, met automatische ontsteking, en de afmetingen zijn exact gelijk aan die van ons oude fornuis. Eerst twijfelen we nog maar al gauw hakken we de knoop door, deze buitenkans laten we niet lopen. Met de hulp van Rien, een zeiler uit Zuid-Afrika, gaan we aan de slag. Het is even slikken om te zien hoe Rien het glimmend nieuwe fornuis helemaal uit elkaar schroeft, gaten in de zijkanten boort en met het zweet op zijn voorhoofd beweert dat het allemaal weer goed komt. Het kwam goed en nu klikken we het gas aan, de pitten gaan niet meer uit als we ze laag zetten en de oven bereikt nu hogere temperaturen.

Een van de belangrijkste dingen waarvoor we naar Chaquaramas zijn gekomen is het smeren van de, in Suriname gekochte, anti-fouling op het onderwaterschip. Onze boot wordt uit het water gehesen en op de wal geplaatst. We besluiten om het smeren van de anti-fouling te laten doen door Andy, een zogeheten contractor die zijn geld verdient met allerlei klussen aan boten. Ondertussen monteert Hans de 'Link 10', een accu-monitor waarmee je precies kunt zien hoeveel de windgenerator en de zonnepanelen laden en hoeveel je gebruikt aan energie. Dory maakt van de gelegenheid gebruik om met een gratis busje naar de stad te gaan om veel boodschappen te doen. Andy laat ons zijn 'magic' zien, enkele mooi wit gepoetste plekken op onze boot. Tegen de vergeelde romp staken deze vlekken flink af. Mooie magic, nu moet hij eigenlijk de hele boot maar met zijn magic behandelen. Binnen enkele uren was de romp prachtig wit, en glimmend kon Happy weer het water in.

Vakantie op Los Testigos

Het gevonden schildpadjeNa een prachtige en supersnelle tocht omdat we wind en stroom mee hebben komen we aan op Los Testigos, een klein groepje Venezolaanse eilanden waar de bevolking hoofdzakelijk uit vissers bestaat. Wat een verademing, we genieten van de rust. Op een avond komt er iemand langzij met een klein houten bootje en ze roept: "Hoi, zijn jullie echt Nederlanders?" Marjan blijkt een Nederlandse te zijn die een aantal jaren geleden met haar zeilboot hier is blijven steken. Sinds kort zijn haar broer en schoonzus er ook, ze zijn met hun eigen zeilboot aangekomen. Samen met schoonzus Hilda, Marjan en een klein meisje waar ze op past beklimmen we de enige berg die er is. Hilda en Dory klauteren boven op de rots, het hoogste punt, het uitzicht is weer adembenemend. Op de terugweg vinden we een schildpad die de kleine meid mee wil nemen als huisdier. Eenmaal weer beneden zwemmen we in het glasheldere zeewater om het zweet af te spoelen. We moeten uitleggen dat deze landschildpad niet mee de zee in kan. 's Middags eten we bij Marjan koekjes van maismeel met vis natuurlijk. Na een paar dagen nemen we afscheid van Los Testigos en gaan we door naar Isla Margarita.

Inkopen op Isla Margarita

Na wederom een razendsnelle zeiltocht komen we aan in Porlamar op Isla Margarita. We laten het anker vallen in een grote baai waar gemiddeld een kleine honderd schepen liggen. Ook hier is in de ochtend een net en we kunnen gebruik maken van draadloos internet.

De baai bij Porlamar op Isla MargaritaMen zegt dat alles hier erg goedkoop is maar we schrikken ons dood als we horen wat we moeten betalen om in en uit te klaren, het kost ons 230.000 bolivar (85 euro). En als we de eerste dag naar een luxe winkelcentrum gaan vallen de prijzen ook niet echt mee. Gelukkig blijkt het bezoek aan de supermarkt wel een succes, biertjes van 25 eurocent en heerlijke rum voor 3 a 4 euro per fles en ook de overige boodschappen zijn goedkoop. We proberen dus veel in te kopen, maar het blijkt achteraf nooit genoeg te zijn. Onze voorraadkasten zijn inmiddels behoorlijk gevuld en we moeten er tot en met Bonaire mee rond komen. Met onze blikvoorraad kunnen we nog veel langer toe.

We brengen ook een bezoek aan de stad. Elke Venezolaanse plaats heeft in het centrum de Plaza de Bolivar, wij genieten daar van de mensen die er wandelen. Dit voelt zoals een Zuid Amerikaans land moet voelen, heel anders dan de enorme winkelcentra en de supermarkten.

Hoppen langs Venezolaanse eilanden

Na ongeveer tien dagen in Porlamar varen we uiteindelijk in de middag weg om een nacht door te varen naar Isla Blanquilla. Dit eiland ligt een beetje noordelijk van onze route maar het moet erg mooi zijn en we willen het niet overslaan. Als we aankomen vinden we het strandje met de twee palmbomen zoals in de gids beschreven. Tja en hoe moet je de schoonheid beschrijven van een wit strand met palmbomen en een azuurblauwe zee waarvan je de bodem op zes meter diepte nog kan zien? De natuur is onovertroffen. Samen met een Zweeds koppel wandelen we door de Palmbomen op het eiland Isla Blanquillaongerepte natuur tussen vele cactussen en treffen we ezels aan die daar in het wild leven. Deze ezels zijn door een rijke Amerikaan, die er ooit heeft gewoond, hier naartoe gebracht. Zijn overige dieren zijn, aldus de kustwacht, door de lokale vissers opgegeten. Maar ezels zijn kennelijk niet lekker en kunnen overleven op een redelijk dorre plek. Wij kijken naar de ezels en de ezels kijken naar ons, met tien stuks staan ze ons op veilige afstand aan te staren. Zo maken zij ook eens wat mee.

Na dit eiland bezoeken we Los Roques, de eerste kennismaking met koraaleilanden die moeilijk te bevaren zijn. Als je het koraal met de onderkant van je schip raakt, dan kan je zomaar een gat in je boot varen. In de gids staat dat je bij de ingang naar Los Roques oost goed moet opletten en op het zicht ('eyeball navigation' ofwel oogballend) moet navigeren. Het is dan ook reuze spannend als we daar aankomen, maar het blijkt een fluitje van een cent. De diepe stukken zijn erg breed en goed te zien. Binnen de koraalrand is de zee rustig en we liggen er heel prettig, het lijken wel de Vinkeveense plassen maar dan midden op zee. Als we na een paar dagen weer vertrekken moeten we door een woeste zee met windkracht 7 tegen, door hoge golven weer naar buiten, dat was heel wat lastiger.

Het volgende koraaleilandje Dos Mosquises is ook weer een droom van wit strand in prachtig blauwgroen water, het is niet groter dan 300 meter in doorsnee. We bezoeken er een schildpaddenkwekerij, en leren over de geschiedenis van het eiland. Je kan zien aan alle voorwerpen die zijn gevonden dat hier in vroege tijden indianen hebben gewoond. We blijven er drie nachten en zeilen dan naar Bonaire.

Copyright © 2004-2017 Dory Janssen en Hans van Domselaar